Paulus Jansen

Weblog
Paulus Jansen

Wethouder wonen, ruimtelijke ordening, sport, dierenwelzijn en vastgoed in de gemeente Utrecht

dinsdag 19 juni 2007, 19.01 uur – paulus
Categorie: Kamervragen, wonen

Woonruimteverdeling op Walcheren

Minister Vogelaar vindt dat ze niets kan doen tegen de invoering van een systeem van woonruimteverdeling in Walcheren, waarbij nog uitsluitend via internet op het aanbod gereageerd kan worden.
Dat antwoord ze op vragen die ik samen met Fons Luijben stelde.
Binnenkort stuurt Vogelaar een wetsvoorstel tot wijziging van de Huisvestingswet naar de Kamer. Dat wordt een goede gelegenheid om door middel van amendering de bescherming van de woningzoekenden zonder internet beter te regelen.

Beantwoording Tweede Kamervragen gesteld door de leden Luijben en Jansen (SP) over de woonruimteverdeling op Walcheren.

Vraag 1-Heeft u kennis genomen van het artikel “Zonder internet gaat de deur dicht en het licht uit”?
Ja.

Vraag 2-Is het acceptabel dat de samenwerkende woningcorporaties op Walcheren (SWW) uitsluitend woningzoekenden nog de mogelijkheid bieden om zich via internet in te schrijven als woning-zoekende en te reageren op het woningaanbod in de regio, terwijl 15% van de woningzoekenden (vaak ouderen of minder draagkrachtigen) tot op heden gebruik maakte van de woonbon?
De SWW heeft aangegeven dat het systeem uitsluitend optimaal functioneert als alle reacties via internet worden geregistreerd. Alleen dan is het mogelijk om de woningzoekende de gewenste transparantie te bieden. Hierdoor komt echter de traditionele manier van reageren op het woningaanbod via de woonbonnen te vervallen. De corporaties bieden de mogelijkheid om in de woonwinkels of op de corporatiekantoren het aanbod te bekijken en bieden hierbij ondersteuning aan van de medewerkers. Tevens zijn andere instellingen opgeroepen om publieke internetvoor-zieningen voor dit doel beschikbaar te stellen. Overigens is een dergelijk systeem al bekend in veel delen van Nederland.

De gemeenten voorzien dat door de invoering van dit systeem het deel van de woningzoekenden dat zelf geen toegang heeft tot internet meer afhankelijk zal worden van anderen om toch regelmatig inzicht te krijgen in het woningaanbod en te reageren op beschikbare woningen.
Daarom is er nog nader overleg tussen de drie gemeenten en de drie corporaties over de manier waarop de nadelen van het systeem voor mensen zonder internet zo goed mogelijk weg zijn te nemen. Bij de corporaties is erop aangedrongen om in ieder geval de betreffende doelgroep periodiek te informeren over wijzigingen in het actuele aanbod, zodat duidelijk wordt wanneer actie moet worden ondernomen om te reageren op een beschikbare woning. Een wekelijkse inspanning om inzicht te krijgen in het aanbod wordt hierdoor overbodig.

De corporaties hebben aan de gemeenten toegezegd de werking van het nieuwe systeem kritisch te volgen en eventuele problemen of klachten direct aan te pakken.

Vraag 3-Heeft u op grond van uw bevoegdheden als toezichthouder op woningcorporaties de mogelijkheid om een systeem van woonruimteverdeling voor te schrijven dat voor iedereen, ongeacht leeftijd en inkomen, voldoende transparant en toegankelijk is?
Zo ja, gaat u deze bevoegdheid gebruiken?

Nee, vanuit mijn bevoegdheden als toezichthouder op de woningcorporaties heb ik niet de mogelijkheid om een systeem van woonruimteverdeling voor te schrijven dat voor iedereen, ongeacht leeftijd en inkomen, voldoende transparant en toegankelijk is. De woonruimteverdeling betreft namelijk een gemeentelijke aangelegenheid. De Huisvestingswet biedt de gemeenten handvatten voor een woonruimteverdelingssysteem. Daarbij wordt het volgende opgemerkt. De Huisvestingswet gaat uit van het principe van vrijheid van vestiging. De woningzoekenden zijn in principe zelf verantwoordelijk voor hun woonsituatie. De zelfredzaamheid van de woningzoekenden staat voorop. Pas wanneer de huisvesting van de doelgroep als gevolg van schaarste of dreigende schaarste aan in het bijzonder goedkope woningen in gevaar komt, is overheidsbemoeienis met de woonruimteverdeling gerechtvaardigd. Deze bevoegdheid is in eerste instantie bij de gemeenten gelegd. Wanneer een gemeente aanleiding ziet in te grijpen in de woonruimteverdeling of de woningvoorraad, kan dit door middel van een vergunningstelsel, waarbij de criteria in de Huisvestingsverordening zijn opgenomen of een overeenkomst met verhuurders. Hierbij gelden de regels uit de Huisvestingswet. De gemeente maakt daarbij gebruik van het instrumentarium uit de wet, die als een soort ‘gereedschapskist’ dient. Betrokken gemeente is bij gebruikmaking van de Huisvestingswet wel verplicht binnen de door het Rijk gestelde kaders van de Huisvestingswet te blijven. Hiermee worden de autonome gemeentelijke vestigingsregelingen onder het regime van de Huisvestingswet gebracht.

Voor wat betreft de woningtoewijzing (wie uiteindelijk een woning krijgt toegewezen) geldt dat corporaties vrij zijn om zelf te bepalen op welke wijze ze vrijkomende woningen toewijzen (bijvoorbeeld via loting, op basis van inschrijvingsduur, etc.). Dit alles dus binnen de grenzen van de gemeentelijke woonruimteverdelingsystematiek (waarvan de kaders in de Huisvestingswet staan, zie hierboven).

Reageren? »

Reageren?

RSS-feed voor reacties op dit bericht.

Geef een reactie

www.sp.nl